Marjolein Knuit

‘Een tweede Charles Groenhuijsen’

Als je goed was in kiezen, was je waarschijnlijk geen TCS gaan studeren. Maar na het feest van het eerste jaar moet er dan toch echt gekozen worden, en wel uit maar liefst veertien hoofdrichtingen.  In de nieuwe rubriek “hoofdrichtingwijzer” vertellen in elke Alalos TCS-studenten over hun hoofdrichting. Waarom hebben ze voor deze specialisatie gekozen, wat vinden ze er leuk aan (en wat niet) en wat voor toekomst zien ze met deze hoofdrichting voor zichzelf weggelegd?

Gemma Franke: derdejaars TCS-studente met twee hoofdrichtingen; Amerikanistiek en Internationale betrekkingen.

Ja, ze studeert Amerikanistiek en nee, ze is geen fervent voorstander van president Bush. Gemma moet haar hoofdrichting regelmatig verdedigen tegen allerlei vooroordelen. Daar staat tegenover dat ze les krijgt van Maarten van Rossem en misschien wel stage gaat lopen in Amerika. Omdat ze twijfelde tussen de hoofdrichtingen Amerikanistiek en Internationale Betrekkingen heeft ze deze gecombineerd en van de laatste een soort minor gemaakt.
En van die keuze heeft Gemma nooit spijt gehad. “Hoe langer ik het deed, des te leuker ik het ben gaan vinden,” vertelt ze. Voor Amerikanistiek volgt ze vakken als Amerikaanse geschiedenis en cultuur voor en na 1900, Amerika gaat naar de film, Selling the president en Koude Oorlog. Internationale betrekkingen biedt haar vakken als Globalisering, Geschiedenis van de mensenrechten, Diplomatie en Ideologieën van de 19e en 20e eeuw. Hoewel ze aanvankelijk de politiek in wilde, weet ze dat nu niet meer zo zeker: “Bij een internationale organisatie werken lijkt me ook erg leuk, dan zou ik mooi mijn twee richtingen kunnen combineren.” Misschien dat ze tijdens haar stage, die ze in blok 4 van dit jaar hoopt te volgen, wat ervaring op dit gebied kan opdoen. “Ik heb veel gesolliciteerd in de VS, misschien wisten kennissen nog wat in San Fransisco en anders ga ik het proberen bij Buitenlandse Zaken hier in Nederland, of de Amerikaanse Ambassade in Nederland.” Amerika trekt Gemma enorm, maar niet vanwege president Bush, benadrukt ze: “Amerika is een ontzettend mooi, divers, cultureel ontzettend rijk en interessant land. Internationale betrekkingen vond ik een mooie aanvulling bij Amerikanistiek en boeit me ook, omdat ik erg geïnteresseerd ben in politiek en politieke verhoudingen.”  Hoewel ze hoopt tijdens haar studie een tijdje in Amerika te kunnen verblijven, zit Gemma voorlopig nog even in de collegebanken in de binnenstad van Utrecht. “Ik wil sowieso nog naar het buitenland,  maar liever om te reizen dan te studeren!” Met een stage in blok 4 kan ze dit jaar haar bachelor halen en daarna misschien de Master American Studies of anders Internationale betrekkingen in historisch perspectief volgen. Ze heeft tot nu toe al haar vakken, waarmee ze gemiddeld zo’n 8 tot 10 college-uren maakt, zonder herkansen gehaald. De tijd die ze zelf aan haar studie besteedt varieert, van 10 tot 20 uur, “als ik het echt druk heb.” Over haar kansen op de arbeidsmarkt met een opleiding Amerikanistiek op zak maakt Gemma zich nog niet zo druk: “ik heb deze studie vooral gekozen omdat ik iets wilde doen wat ik écht leuk vond. Ik heb de afgelopen 3 jaar al heel veel leuke mensen leren kennen hier en ik ben blij dat alles tot nu toe zo voorspoedig is gegaan.” Hoewel het soms wat rommelig georganiseerd is, bevalt de studie in Utrecht haar enorm goed. Wat ze over tien jaar doet weet ze nog niet, maar Gemma ziet de toekomst optimistisch tegemoet: “een tweede Charles Groenhuijsen zou leuk zijn!”

Geef je reactie