Marjolein scoort bij Groot Dictee
Natuurlijk zat ik gisteravond met een schrijfblok op schoot voor de televisie: tijd voor het Groot Dictee der Nederlandse taal! Met 23 fouten zit ik onder het gemiddelde aantal fouten dat de prominenten maakten.
Elk jaar maak ik weer minder fouten, getuige mijn bewaarde dictees van vorige edities. Een positieve ontwikkeling, al was ik tijdens mijn middelbare schooltijd beter op de hoogte van de spellingsregels (of moet ‘schooltijd’ los van elkaar? Of met een koppelteken?).
Dat was ook het gemene van dit dictee: op het eerste gehoor weinig przewalskipaarden en croque-monsieurs maar wel veel addertjes onder het gras. Stampot of stamppot? Witte kool of wittekool? Al lang of allang?
Gelukkig maakt het voor je beheersing van het Nederlands volgens Quest niet uit of je slecht scoort bij dictees. En dat terwijl het Nederlands in feite steeds simpeler wordt: Joop van der Horst, hoogleraar Nederlandse taalkunde, acht het niet onwaarschijnlijk en evenmin onterecht dat ‘hun’ het van ‘zij’ gaat winnen in zinnen als ‘zij hebben gewonnen’.
In dat geval ben ik benieuwd hoe het Groot Dictee der Nederlandse taal er over tien jaar uitziet. Ik zit dan in ieder geval weer voor de buis met m’n schrijfblok. En misschien volgend jaar wel in de Eerste Kamer
.